> column.php?nr=21110&stuurdoor

Column


‘Double luck’

Afgelopen Hemelvaartsdag werd het Vermaningspad voor het eerst in de geschiedenis in Almere gehouden.
Een wederzijds cadeautje dat doopsgezinde gemeentes in Nederland de doopsgezinde gemeente Almere (DGA) gunden, en dat de DGA en inloophuis de ruimte, de doopsgezinde fietsers en automobilisten van buiten Almere gunden.
Al jarenlang werd het Vermaningspad per toerbeurt georganiseerd door doopsgezinde gemeentes aan de linker- of de rechterkant van het IJsselmeer. Vanuit de DGA nam ieder jaar een ploegje fietsers deel. Zij kwamen telkens terug met enthousiaste verhalen over de routes, de gastvrijheid, en de ontmoetingen.
Zowel bij de DGA, als bij inloophuis de ruimte groeide de behoefte om deze gastvrijheid te beantwoorden met een Vermaningspad in Almere.
Daarom werd besloten hierover te overleggen met de betrokken doopsgezinde gemeentes.
Deze bleken bereid te zijn om ruimte te maken voor Almere. Hierdoor werd het mogelijk dat het Vermaningspad in 2013 niet aan de linkerkant of rechterkant van Nederland plaatsvond, maar er midden tussenin; in Flevoland.

De dag werd voorbereid door een werkgroep vanuit DGA en inloophuis.
Alle routes zouden beginnen en eindigen bij kerkcentrum de Goede Rede in Almere Haven.
En alle routes zouden onderweg inloophuis de ruimte in Almere Stad aan doen.
Voor De Ruimte betekende dit dat er die dag een grotere groep mensen op bezoek zou komen waarvan velen misschien wel van het inloophuis hadden gehoord, maar er nog nooit waren geweest.
Dat leek me leuk en spannend tegelijk. Het zou in ieder geval een heleboel eerste indrukken betekenen.
Ik hoopte natuurlijk dat het zou lukken om al die nieuwe gasten een welkom gevoel te geven.
Intern bij De Ruimte zouden ‘alle hens aan dek’ nodig zijn.
Maar zouden de grotendeels niet doopsgezinde vrijwilligers van De Ruimte wel bereid zijn hun normaal gesproken vrije Hemelvaartsdag in te ruilen voor deze typische Doperse dag? En wat zouden de doopsgezinde gasten vinden van de ontmoeting met Almere en met de medewerkers en bezoekers van het inloophuis?
Zouden ze plezier kunnen beleven aan een Vermaningspad in een nieuwe stad zonder oude Vermaningen?
Zouden ze de pluspunten van Almere herkennen en weten te waarderen?
Zouden ze zich op hun gemak voelen in De Ruimte? Belangstelling tonen? Gesprekjes aanknopen?
En zouden ze tot slot heerlijk opgeladen en met goede herinneringen weer huiswaarts keren?

U hoort het al, ik schoot weer eens behoorlijk in mijn ‘pieker-modus’. Dat is helaas ‘de aard van het beestje’.
Ik ben nog te vaak bang dat de wereld niet op mij zit te wachten en dat ik met mijn inbreng teleur zal stellen. Ik alleen had niet de moed gehad om een Vermaningspad in Almere voor te stellen. En in eerste instantie voelde ik mij bezwaard om de medewerkers van het inloophuis te vragen hun vrije dag ‘op te offeren’ voor een traditie waar ze geen onderdeel van uitmaken.
Maar dan blijkt weer eens het mooie van onderdeel uitmaken van gemeenschappen. Het hing gelukkig niet alleen van mij af!
Telkens opnieuw vind ik het zo’n heerlijk en bevrijdend gevoel om dat te beseffen. En om te beseffen dat je samen zo’n stuk verder kunt komen dan alleen. Want we deden het tenslotte samen.
Met de DGA en het inloophuis en de doopsgezinden uit het land. Binnen de DGA waren er anderen die moediger bleken dan ik en die het gesprek over een Vermaningspad in Almere wel aandurfden. Binnen De Ruimte bleken medewerkers wel degelijk zin te hebben om de groep reizende gasten te ontvangen.
En op de dag zelf waren er fietsers en automobilisten uit het land, die mee kwamen doen en wisten te genieten van de dag en de ontmoetingen.
Niet voor de eerste keer werd mijn zorgelijke aard weersproken, werd ik bemoedigd door het samenleven met anderen.
Toen ik mij ergens tijdens de voorbereidingen fronsend afvroeg hoe het toch zou moeten wanneer al die mensen zich per ongeluk tegelijk voor de soep zouden melden bij De Ruimte, sprak een van de gastvrouwen me bemoedigend toe: “Ach joh, het wordt vast heel gezellig!”
En toen dacht ik: “Ja, waarom ook niet, dat kan net zo goed gebeuren als mijn doomscenario.” Ik besloot uit te gaan van de kansen die de dag bood en me met de anderen te verheugen op de dag.

Daar waar mijn vertrouwen me in de steek liet, kon ik leunen op het vertrouwen van anderen. En dat vertrouwen werd volop beloond.
Het bleek niet alleen een gezellige dag te worden. Het leverde veel meer op dan ik had voorzien. Ik had me bij de voorbereidingen vooral druk gemaakt over de te ontvangen gasten. Over wat zij nodig hadden en hoe we hen een welkom gevoel zouden kunnen geven.
Maar op de dag zelf bleek dat de door Almere reizende gasten ook iets kwamen brengen waar ik niet op had gerekend en waar ik heel blij van werd.
De hele dag was het een levendig aankomen, vertoeven, en vertrekken van opgewekte en verwachtingsvolle reizigers.
Het weer was mooi en Almere verraste de mensen aangenaam. Het bleek allemaal veel groener en gevarieerder te zijn dan velen hadden gedacht.
Ook reageerden de gasten enthousiast op de ontvangst in het inloophuis. Wat menig medewerker deed stralen.
Veel gasten bleven lekker hangen en bijpraten met oude bekenden en/of praatjes aanknopen met nieuwe mensen. Er vonden allerlei leuke ontmoetingen plaats.
In de loop van de dag kreeg ik van allerlei individuele medewerkers terug dat ze zo aangenaam verrast waren over de nieuwe gasten. “Wat een aardige mensen allemaal!” werd de gezamenlijke conclusie.
Wat mij naast een trots gevoel op de medewerkers van De Ruimte ook een trots gevoel op de doopsgezinden in het land gaf. Ik was zo blij met deze wederzijdse ontmoeting dat ik mijn hart voelde volstromen en opzwellen in mijn borstkas.
Een onverwachte bonus bij een geslaagde dag!

Nu ik al schrijvend terugkijk op de dag, voel ik me niet alleen trots op al die mensen die zo open deze dag en de ontmoetingen zijn ingegaan.
Ik voel me vooral ook dankbaar dat ik onderdeel mag uitmaken van deze gemeenschappen, van dit ‘samen leven’ en ‘samen bouwen’ aan een gastvrije wereld.
Het bemoedigt me om weer eens aan den lijve te ervaren hoe goed het is dat er anderen zijn om mee op te trekken en aan te groeien.
En dat dit ‘groeien’ leuk kan zijn, dat ik er gelukkig van wordt. Dat er mensen zijn op wie ik leunen mag als ik de moed verlies. Dat er mensen zijn die op mij willen leunen als zij de moed verliezen. Dat we elkaar nodig hebben en dat mensen bereid zijn om hun grenzen te verleggen om anderen te ontmoeten. Dat mensen open willen staan voor nieuwe dingen en nieuwe mensen. Ik wens iedereen van harte de ervaring en het rijke gevoel toe van een dergelijk ‘samen leven’ en ‘samen bouwen’.


Marjan Kip
Pastoraal opbouwwerker en coördinator inloophuis de ruimte


Terug

  Meer informatie   Facebook   ANBI-register Inloophuis De Ruimte
 
  contact maandblad sitemap
  routebeschrijving nieuwsbrief disclaimer
  veelgestelde vragen inloggen  colofon
     
   
  © 2019 Doopsgezind.nl