home > column.php?nr=21112&stuurdoor

Column

 
 

Binnen of buiten de kudde

Ik zit 's ochtends vroeg op een dijk aan het wad. Voor me ligt het drooggevallen wad te knisperen en te walmen. De zilte zeelucht stijgt omhoog naar de klimmende zon. De hemel is helder en fris. Geen mens te zien of horen. Alleen de natuur doorbreekt de stilte. Ik drink de stilte met volle teugen. Ik sluit mijn ogen en probeer niet te denken, alleen maar te zijn. Meeuwen krijsen en stampvoeten op het wad. In de verte blaat een schaap. Ik ga met mijn aandacht wisselend van de natuurgeluiden naar de toenemende stilte in me. Alles wat was en nog komen zal kabbelt langzaam uit me weg. Alleen nog dit moment, deze ochtend, deze prille zon op mijn huid, deze geluiden in mijn oren en deze geur in mijn neus. Meer wil ik niet. Meer heb ik niet nodig.

Totdat mijn aandacht wordt getrokken door het geluid van grazende schapen. Ze lopen op de dijk en storen zich niet aan mij. Toen ik hier ging zitten waren ze nog een eind verderop. In de tussentijd is de kudde steeds dichterbij gekomen. Ze kuieren al grazend mijn kant op. Hun aanwezigheid boeit me. Ik focus me op hun gedrag. Het is een kudde van schapen en lammeren. Ze bewegen allemaal dezelfde kant op. De een loopt wat sneller dan de ander. Zo af en toe gaat er één een tijdje liggen. Zodra de groep voorbij trekt, staan ook de liggende schapen weer op en trekken mee. Het blijft steeds een groep. Tot er iets gebeurt dat me aan het denken zet.

De schapen lopen op de dijk en op het pad achter de dijk. Aan dat pad grenst een weiland. Het gras op de dijk en op het pad, is verdord en geel. Het gras in het weiland is welig en groen. Toen de kudde langs de dijk en op het pad mijn kant op bewoog, leek het steeds een groep. Maar nu de groep aan het einde van het weiland is gekomen, blijkt dat er zich één schaap ín het weiland bevindt en niet op het pad. Dat schaap gedraagt zich nu onrustig. Het is gestopt met grazen en loopt met de kop omhoog te blaten en naar de andere schapen te kijken. Ook probeert het op verschillende plaatsen de sloot over te steken die om het weiland ligt, maar dat lukt niet. Het schaap is vastgelopen aan het einde van het weiland en de kudde kuiert op het pad in hetzelfde rustige tempo verder, zonder ogenschijnlijke aandacht voor het afgescheiden schaap. Het afgescheiden schaap blijft kijken, en proberen over te steken. Het blaat hard. Dan lijkt er vanuit de kudde een reactie te komen. Een lam keert zich om en blaat ook. Het staat stil. Het wederzijdse blaten wordt een tijd lang herhaald. Vervolgens loopt het lam tegen de stroom van de kudde in, terug naar de rand van het weiland, om zich daar aan een paal te gaan staan schurken. Het schaap in het weiland probeert opnieuw een doorgang door de sloot vinden. Het lukt niet. Ze loopt al grazend terug, onderweg steeds proberend ergens de sloot over te steken. Het lam wacht nog een tijdje bij de paal. Blaat nog een paar keer hard. En keert dan om en rent achter de kudde aan. Weg van het schaap in het weiland. De kudde is nu in haar geheel achter mij langs getrokken en bevindt zich aan mijn linkerzijde. Aan mijn rechterzijde staat in haar eentje het schaap in het weiland.
De onrust houdt niet lang aan. Als ook het laatste lam zich bij de kudde heeft gevoegd, gaat het schaap in het weiland er bij liggen. Om zich niet lang daarna in tegengestelde richting van de kudde te bewegen en zich weer volledig op het grazen in het groene weiland te storten.

Het tafereel dat zich voor mijn ogen afspeelt roept een regen aan vragen in me op. Was dat het lam van het schaap in het weiland? En hoe komen die twee dan gescheiden? Hoort het lam niet bij de moeder te blijven wachten? Of is dat juist de kracht van de natuur? Dat de kudde zich over het lam ontfermt als de moeder zich heeft afgescheiden? Is dat een bedoeling van een kudde? Dat het de jeugd behoedt bij dwalingen van de ouden? Of is hier geen sprake van een dwaling? Heeft het schaap in het weiland het betere deel gevonden?
Ik voel een parallel met een kudde van mensen. Een gemeenschap waar je bij kunt horen. Wie bepaalt wanneer je bij de kudde hoort of niet? En hoe liggen daarbij de verantwoordelijkheden? Mag je afdwalen? En hoe ver dan? En is er nog een weg terug? Kan het ook in het voordeel zijn van de kudde wanneer sommigen afdwalen? Om wellicht nieuwe wegen te ontdekken? Nieuwe vruchtbare grond met volop voedsel voor de hele kudde? Als de kudde mee wil bewegen tenminste. Want als die doordrentelt op het vertrouwde pad, dan blijft misschien slechts dor en geel gras. Kun en wil je als onderzoekend schaap dan nog terug als je welig groen gras hebt gevonden?

De volgende ochtend wandel ik opnieuw naar mijn plek op de dijk en zie ik dat zich naast een volwassen schaap, nu ook een lam in het weiland bevind. Ik ga er vanuit dat het hetzelfde schaap is als gisteren. En misschien wel hetzelfde lam dat gisteren bij de paal heeft gewacht? Of wil ik dat alleen graag? Nieuwe vragen drijven boven. Heeft het schaap in het weiland misschien nooit bij de kudde gehoord? Was het door de boer in een apart weiland geplaatst en dacht ik alleen maar dat het bij de kudde hoorde omdat het een stuk mee opliep? Als dat zo is, zou het schaap zich dan toch deel van de kudde hebben gevoeld? Het leek zo duidelijk mee te willen trekken. Maar hoe zit het dan met het lam? Is dat teruggekomen? Of was juist het lam uit het weiland ontsnapt op zoek naar aansluiting bij de kudde? Wie gaat voor en wie volgt? Wat hebben we nodig om te durven voorgaan en te durven volgen?

Op de terugweg van mijn plek op de dijk loop ik langs het weiland en kijk ik of ik een doorwaadbare plek zie. Ik zie hem niet. De sloot lijkt mij te diep voor willekeurig welk schaap dan ook. Maar de volgende ochtend zijn zowel het schaap als het lam uit het weiland verdwenen. En als ik 's middags langs een andere kudde fiets, zie ik meerdere schapen midden in een sloot vol water staan, op weg (en in) een groen weiland. Er zijn blijkbaar toch doorwaadbare plaatsen. En genoeg moedige schapen om de oversteek te maken! Ik word er blij van. Alsof zich een minirevolutie voltrekt. Allemaal schapen die geen genoegen (meer?) nemen met dor en geel gras en die een weg banen naar grazige weiden. Ik hoop dat hun kuddes zullen volgen....
Marjan Kip
pastoraal opbouwwerker en coördinator


Terug

  Meer informatie   Facebook   ANBI-register Inloophuis De Ruimte
 
  contact maandblad sitemap
  routebeschrijving nieuwsbrief disclaimer
  veelgestelde vragen inloggen  colofon
     
   
  © 2019 Doopsgezind.nl